Ell Pronk pleit voor helder intimiteitsbeleid

Je moet er niet aan denken: je bent je hele leven samen geweest met je geliefde en dan ineens word je van elkaar gescheiden omdat je partner naar een verpleeghuis gaat. Na jaren verruil je je tweepersoonsbed voor een hoog-laagbed. En de romantiek maakt plaats voor een verzorgende die haar nachtelijke ronde loopt en ‘zorg conform afspraak zorgplan’ levert. Je eigen ritme, je gewoonten en behoeften krijgen ineens te maken met ‘het ritme van de zorg’. Hoe moet het nu verder met je relatie en jullie intimiteit?

Intimiteit en seksualiteit behoren tot de basisbehoeften van mensen. Net als eten, drinken en ademhalen. Onze basisbehoeften vormen het fundament van een leefbaar leven en zijn niet aan leeftijd gebonden. Ook bij ouderen zijn intimiteit en seksualiteit belangrijke aspecten van welzijn en gezondheid. Aspecten die zich niets aantrekken van het feit dat iemand misschien in een woonzorglocatie is gaan wonen. Of van het gegeven dat iemand geen partner heeft. En hoewel we allemaal vinden dat intimiteit en seksualiteit heel normaal zijn, lijkt er in de zorg nog te weinig oog voor dit aspect van mentaal welbevinden te zijn.

Bordje ‘niet storen’
Al in 2006 wijdde Ell Pronk, verpleegkundige in de wijk in Putten, de eindscriptie van haar VIG-opleiding aan het onderwerp ‘Intimiteit en seksualiteit binnen de instelling’. Een onderwerp dat volgens Ell nog niet de aandacht krijgt die het verdient. “Tijdens mijn stage op een somatische afdeling binnen Sonnevanck maakte ik mee dat mensen nauwelijks privacy hadden. Een bewoner wilde zo nu en dan ongestoord naar bepaalde tv-programma’s kijken, maar werd dan regelmatig geconfronteerd door de verzorging die binnenstapte. Hij bracht dit bij mij ter sprake. Samen bedachten we dat een bordje ‘niet storen’ aan de deur soelaas zou bieden; een afspraak die ook in zijn zorgplan kwam te staan.”

Aanraking heel normaal
Ell: “Nu, zo’n 10 jaar later, merk ik nog steeds dat het een ingewikkeld onderwerp is. Vooral bij de zorg voor dementerende ouderen is lichamelijkheid een van de weinige manieren waarop contact nog mogelijk is. Daar is intimiteit een vast onderdeel van de bejegening. Lichamelijke aanraking of een arm om iemands schouder zijn daar heel normaal. En je merkt dat mensen zich hier plezierig bij voelen en rustiger worden.” Maar juist intimiteit in de zorg kent vele grijstinten. Gedrag dat in de ene sector geaccepteerd is, vindt men grensoverschrijdend in de andere. Zoals op somatische afdelingen en in de Thuiszorg waarbij het accent op een ander vlak ligt. “Hoe paradoxaal het misschien ook klinkt: bij iemand met een somatische aandoening is de benadering vaak juist minder fysiek. Alleen al om de schijn van ongewenste intimiteiten tegen te gaan.”

Hoe dan ook: “iedereen die in de zorg- en welzijnssector werkt, krijgt te maken met intimiteit. Als goede beroepskracht moet je dat ook wíllen! Zonder intimiteit is er immers geen vertrouwen. En vertrouwen vormt de basis van iedere hulpverlening.” Maar omgaan met intimiteit en seksualiteit zorgt in de praktijk nog wel eens voor problemen. Dat heeft te maken met verschillende oorzaken. Ell: “Die oorzaken kunnen te maken hebben met de geloofsovertuiging en normen en waarden van zorgverleners, met gedrag  van de zorgvrager en met het ontbreken van beleidskaders.”

Ongeremd gedrag
Als er al beleid is, richt dat zich vaak op ‘probleemsituaties’; ongeremd gedrag bijvoorbeeld. Maar omdat intimiteit en seksualiteit tot op hoge leeftijd belangrijke thema’s zijn als het gaat om gezondheid en welzijn, pleit Ell ervoor om vast te leggen hoe een positieve, ‘normale’ intimiteit- en seksualiteitsbeleving mogelijk gemaakt kan worden. Ell: “Er is een duidelijk intimiteitsbeleid nodig. Met heldere grenzen waaraan mensen zich kunnen vasthouden: wat kan wel en wat kan niet. Nu nog moeten we, als er zich een moeilijke situatie aandient, ter plekke bedenken of iets wel geoorloofd is. Ieder probeert dan een weg te vinden tussen de behoeften van de zorgvrager en de eigen overtuigingen. We handelen altijd reactief. Ik wil toe naar een cultuur waarin wij respectvol en professioneel omgaan met een zorgvraag op het gebied van intimiteit. Waarin er ruimte is voor dit onderwerp en waarin we helder stelling nemen over wat wel en wat niet kan. Een cultuur waarin intimiteit een vanzelfsprekende en positieve betekenis heeft. Met als bijkomend voordeel dat dit de zorgvraag van de cliënt normaliseert, wat acceptatie bevordert.”

Lef tonen
Eenvoudig zal het opstellen van beleid rondom intimiteit en seksualiteit niet zijn. Er zijn maar weinig andere onderwerpen die zó samenhangen met de persoonlijke normen en waarden van medewerkers, zoals geloof, cultuur en opvoeding. Die kunnen haaks staan op professionele normen en waarden. Een open, niet-oordelende, professionele houding is essentieel om dit onderwerp goed van de grond te krijgen. En dan nóg zal het niet eenvoudig zijn. “Toch moeten we lef tonen en ons helder uitspreken: zo denken wij hierover! Dan wordt het voor medewerkers ook duidelijk wat ze daarin, in voorwaardenscheppende zin, mogen doen. We kunnen vervolgens gedragswijzen ontwikkelen waarmee we in de praktijk uit de voeten kunnen. Gedragswijzen die recht doen aan de ingewikkeldheid van het onderwerp en die gebaseerd zijn op individuele normen en waarden van zorgverleners, op gedragscodes die gerelateerd zijn aan het intimiteitsbeleid van de Zorggroep, aan codes en protocollen én aan onze cultuur.”

Ell Pronk pleit voor helder intimiteitsbeleid

Ell besluit: “Gevoelens van liefde en nabijheid sterken de oudere mens tegen bedreigingen van buitenaf. En in het omgaan met gevoelens van liefde en seksualiteit geldt: je bent nooit te oud voor liefde, op welke manier dan ook!”